Dilatatie
Dilatatie is de bewuste naad tussen twee bouwdelen die verschillend kunnen zetten of bewegen, zodat de constructie die beweging opvangt in plaats van te scheuren.
Een nieuwe aanbouw staat op zijn eigen fundering en zet zich daardoor anders dan het bestaande huis. Staat het huis op palen en de aanbouw op een fundering op staal, dan zakken de twee ongelijk. Een dilatatie is de naad die dat verschil opvangt, zodat de spanning niet in het metselwerk terechtkomt.
Ook zonder verschil in fundering kan een dilatatie nodig zijn. Metselwerk en beton zetten uit en krimpen met de temperatuur, en bij een lange gevel zonder onderbreking loopt die beweging op tot er ergens een scheur ontstaat. Een naad op de juiste plek voorkomt dat de scheur zelf de naad wordt.
Waar de naad komt en hoe breed hij is, volgt uit dezelfde afweging als bij een heipaal of een strook op staal: wat draagt het bestaande huis, en wat draagt het nieuwe deel. Bij een zijaanbouw tegen een bestaande garage komt die vraag vaak het scherpst naar voren, omdat de twee funderingen zelden gelijk zijn.
Veelgestelde vragen
Is een dilatatienaad na afloop zichtbaar?
Meestal een klein beetje, als een smalle voeg die met een flexibele kit is afgewerkt in plaats van met stijve voegmortel. De naad hoort daar te blijven zitten; hem dichtsmeren haalt de werking eraf.
Kan een dilatatie achteraf nog worden toegevoegd?
Alleen met ingrijpend werk, omdat het om een onderbreking in de constructie zelf gaat en niet om een oppervlakkige voeg. Daarom wordt de naad vooraf in de berekening en op de tekening meegenomen, niet pas nadat er een scheur is verschenen.
