Kruipruimte
Een kruipruimte is de lage, toegankelijke ruimte tussen de begane grondvloer en de bodem, die leidingen bereikbaar houdt en de vloer los van de grond houdt.
Waar een betonvloer soms rechtstreeks op een zandbed ligt, rust hij bij een kruipruimte op balken of op een funderingsbalk die de vloer boven het maaiveld houdt. Die tussenruimte maakt leidingen voor water, riolering en verwarming bereikbaar zonder dat de vloer ervoor open moet.
De randen van een kruipruimte lopen vaak door tot onder de vorstrand, zodat de fundering eromheen vorstvrij blijft staan. Vocht in een kruipruimte is een aandachtspunt: een goede ventilatie van de ruimte voorkomt dat vocht optrekt in de vloer erboven.
Bij een nieuwe aanbouw is een kruipruimte niet vanzelfsprekend; steeds vaker wordt gekozen voor een vloer die rechtstreeks op de fundering op staal rust, zonder tussenruimte. Welke van de twee past, hangt af van de leidingen die er nog bij moeten en van de gewenste vloerhoogte ten opzichte van de bestaande woning.
Veelgestelde vragen
Is een kruipruimte verplicht bij een aanbouw?
Nee. Het is een keuze die afhangt van hoe leidingen bereikbaar moeten blijven en van het gewenste vloerpeil. Veel nieuwe aanbouwen krijgen een vloer zonder kruipruimte, met de leidingen in de afwerklaag erboven.
Hoe voorkom je vocht in een kruipruimte?
Met voldoende ventilatieopeningen die lucht laten doorstromen, en soms met een dampremmende folie op de bodem die optrekkend vocht uit de grond tegenhoudt. Zonder die twee blijft de ruimte vochtig, ook als de vloer erboven droog lijkt.
